Sommige woorden kun je niet echt vertalen.
Niet omdat ze geen betekenis hebben, maar omdat ze méér zijn dan betekenis alleen. Ze bestaan uit herinneringen, geuren, stemmen, stilte en het gevoel dat je ergens thuishoort.
In Nederland is gezelligheid zo’n woord. Nederlanders gebruiken het bijna dagelijks, maar wie van buiten komt merkt al snel dat het moeilijk uit te leggen is. Het betekent niet simpelweg “gezellig”. Het gaat om warmte, rust, verbondenheid en het gevoel dat een plek of moment veilig en menselijk aanvoelt.
Toen ik jaren geleden naar Nederland kwam, ontdekte ik langzaam dat wij in de Iraanse cultuur een woord hebben dat er sterk op lijkt: “safa”.
Ook “safa” laat zich moeilijk letterlijk vertalen. Het betekent iets als oprechtheid, warmte of een fijne sfeer, maar eigenlijk gaat het dieper dan dat. Wanneer wij zeggen dat iemand “met safa” is, bedoelen we niet alleen dat die persoon vriendelijk is. We bedoelen dat zijn aanwezigheid een ruimte warmer maakt.
Toch is het interessante dat deze twee gevoelens, hoewel ze op elkaar lijken, uit totaal verschillende historische en culturele werelden zijn ontstaan.
Nederlandse gezelligheid lijkt voort te komen uit rust, structuur en bescherming tegen de buitenwereld. In een land van regen, wind en lange donkere winters werd het huis een veilige plek. Kaarslicht achter het raam, samen koffie drinken, rustig praten aan tafel — het zijn kleine rituelen die warmte creëren in een gecontroleerde, stille omgeving.
“Safa” in onze cultuur is anders gegroeid.
In Iran en veel delen van het Midden-Oosten ontstond die warmte juist midden in onzekerheid, drukte en historische onrust. Misschien daarom zit “safa” minder in de ruimte zelf en meer in de mensen. Een eenvoudige tafel, thee in kleine glazen, luid gelach tijdens moeilijke tijden, of samen eten terwijl buiten de wereld onrustig is — dát noemen wij “safa”.
Misschien vinden Nederlanders gezelligheid vaker in stilte,
en vinden Iraniërs “safa” juist vaker in levendigheid.
Hier in Erp zag ik dat gevoel opnieuw terug. Mensen die rustig samen zitten, tijd maken voor elkaar, zonder haast. Dat voelde voor mij vreemd genoeg vertrouwd. Het deed me denken aan oude avonden in Iran, waar mensen urenlang samen konden zitten zonder reden of planning — alleen omdat samen zijn al genoeg was.
Misschien begrijpen migranten daarom soms gevoelens van een cultuur nog vóór ze de taal volledig begrijpen. Omdat sommige menselijke ervaringen universeel zijn.
Voor mij zijn gezelligheid en “safa” als twee rivieren die uit verschillende bergen komen, maar uiteindelijk dezelfde zee bereiken:
de behoefte van mensen aan warmte, verbondenheid en het simpele gevoel dat je niet alleen bent.


